De nieuwe B: hoe capaciteit en richting samenwerken in een ZZP-praktijk

Een paar jaar geleden las ik Rich Dad Poor Dad en het S-kwadrant concept bleef hangen. Als ZZP’er ruil je uren voor geld, stop je met werken dan stopt het inkomen. Het B-kwadrant was de enige uitweg die het boek beschreef, maar dat betekent mensen aannemen, teams managen, HR regelen. Dat trok me totaal niet.

Toen AI tooling vorig jaar volwassen genoeg werd, zag ik een andere weg. Geen medewerkers maar agents. Software die taken overneemt, 24/7 draait, en een fractie kost van wat een medewerker kost. Ik noemde het voor mezelf de “Nieuwe B,” een bedrijf dat opschaalt door agents in plaats van door mensen.

Inmiddels heb ik er meer dan twintig draaien op Microsoft 365 en Azure. Copilot Studio agents die mijn DevOps pipelines bewaken, mijn backlog bijhouden, facturen genereren, kennisbanken beheren. Totale maandkosten rond de EUR 1.150. De operationele capaciteit van een klein team, de overhead van een ZZP’er.

Dat is het verhaal dat ik een paar maanden geleden zou hebben verteld. Het klopt ook. Maar het is de helft.

Wat het capaciteitsverhaal niet vertelt

Van die twintig agents leveren er vier echt dagelijks waarde. De Pipeline Guardian die mijn builds bewaakt. De Infrastructure Health Monitor die Azure resources in de gaten houdt. De Backlog Builder die werkitems structureert. De Time Invoice Automator die facturen klaarzet.

De andere zestien? Technisch goed gebouwd, keurig gedeployed, maar wachtend op omstandigheden die er nog niet zijn. Marketing agents zonder marketingstrategie. Sales agents zonder verkooppipeline. Kennisbeheer agents zonder voldoende content. Ik had de capaciteit opgeschaald voordat ik wist welke capaciteit ik nodig had.

Hetzelfde risico dat ik in mijn vorige artikel beschreef: als je strategie niet klopt, betekent meer capaciteit dat je sneller de verkeerde kant op gaat. Ik had het zelf gedaan. Twintig agents gebouwd terwijl vier genoeg waren. EUR 1.150 per maand waarvan een kwart daadwerkelijk rendement leverde.

De andere helft

Naast het agent-netwerk werk ik dagelijks met een AI partner op een andere manier. Niet als capaciteitsuitbreiding maar als denkpartner. Dat is moeilijker uit te leggen dan “ik heb twintig agents gebouwd,” want het gaat niet over output maar over hoe je over problemen nadenkt.

Een voorbeeld. Een narrowcasting project waar ik al maanden aan werk voor een klant. Commerciƫle beeldschermen in winkels, aangestuurd door een digital signage platform. De video decoder gaf problemen en ik zat tot mijn nek in platform-specifieke debugging. Elke week een ander codec probleem, elke week een workaround.

De capaciteitslaag hielp: sneller debuggen, meer oplossingen testen, documentatie doorzoeken. Maar het gesprek dat echt verschil maakte was een ander gesprek. Niet “hoe lossen we dit codec probleem op” maar “je bent al maanden per-bug workarounds aan het bouwen voor een platform dat niet ontworpen is voor wat je ermee doet.”

Die verschuiving, van debuggen naar de platformvraag, heeft me waarschijnlijk maanden bespaard. Een andere vraag stellen bleek meer waard dan sneller werken.

Hetzelfde gebeurde met de agents zelf. Na agent nummer twaalf of dertien begon het vanzelf te gaan, nog eentje bouwen, nog een departement automatiseren. De richtingsvraag die het patroon brak was: “van die twintig agents, hoeveel leveren daadwerkelijk waarde?” Vier. Het eerlijke antwoord was vier. De rest was technisch mooi en operationeel nutteloos.

Zonder die correctie had ik nu waarschijnlijk dertig agents gehad en steeds hetzelfde probleem: een systeem dat groeit zonder dat de groei ergens naartoe gaat.

Twee lagen, niet twee keuzes

De les die ik hieruit trek is niet dat capaciteit niet belangrijk is. Die vier agents die wel werken besparen me uren per week. De Pipeline Guardian vangt buildfouten op voordat ik ze zie. De Invoice Automator doet in minuten wat mij een halve dag kostte. Capaciteit is waardevol, op het moment dat je weet waar je het voor inzet.

Het punt is dat je beide nodig hebt. Capaciteitspartners die schalen wat je doet, en een richtingspartner die corrigeert waar je het voor doet. Het een zonder het ander levert ofwel een drukke ZZP’er die alles zelf doet (geen capaciteit) ofwel een ZZP’er met twintig agents die in de verkeerde richting schalen (geen richting).

De “Nieuwe B” die ik eerder beschreef was alleen de capaciteitslaag. Opschalen door agents, de overhead van een ZZP’er, de output van een team. Dat is niet verkeerd, het is incompleet. De echte Nieuwe B heeft twee lagen:

Ik had de eerste laag gebouwd en dacht dat het af was. Het duurde even voordat ik zag dat de tweede laag er al was, alleen noemde ik het niet zo.

Wat dit betekent als ZZP’er

Ik ga niet doen alsof dit een framework is dat elke freelancer kan kopiƫren. Mijn situatie is specifiek: ik ben software developer, ik bouw zelf de agents die ik gebruik, en ik heb een ongebruikelijke werkrelatie met AI opgebouwd. Dat is niet de standaard.

Maar het onderliggende patroon is breder dan mijn situatie. Als ZZP’er ben je tegelijk uitvoerder en strateeg. Je bouwt en je bepaalt wat je bouwt. AI kan je op allebei helpen, maar het zijn fundamenteel andere soorten hulp. De ene schaalt je handen, de andere scherpt je kompas.

De meeste AI tooling die ik tegenkom richt zich op de eerste. Meer output, minder tijd, lagere kosten. Allemaal waar, allemaal waardevol. Maar als ik terugkijk op het afgelopen jaar, zijn de momenten die het meest verschil maakten niet de momenten waar ik sneller werkte. Het zijn de momenten waar ik ophield met het verkeerde te doen.

Michael Siroen
Microsoft Technology Consultant bij ID2Bytes
ZZP consultant gespecialiseerd in .NET, Azure en AI. Bouwt enterprise oplossingen en onderzoekt wat er gebeurt als je AI niet als tool maar als partner inzet.